Citaat | Hoge Raad 15 november 2011
Alinea 332 Hoge Raad 15 november 2011
Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP7544.
Het hof stelt vervolgens vast dat 10.33 minuten na aanvang van het telefoongesprek de verdachte opeens zelfstandig vraagt wie er allemaal in de apotheek bij [betrokkene 1] komen, van die bekende mensen en vraagt wie bijvoorbeeld; dat vervolgens een aantal namen wordt genoemd door de verdachte, waaronder een "zwart kankerwijf" - het hof begrijpt dat in dit verband hiermee Hirshi Ali wordt bedoeld - Remkes, Van Aartsen met de vraag of [betrokkene 1] het adres van Van Aartsen en die Hirshi Ali heeft en als ze het heeft, het adres aan de verdachte wil geven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9756efa7e7eeb44e8353da8389bee07cdc1c6f53a7c5a11fcef709553ae0e0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9756efa7e7eeb44e8353da8389bee07cdc1c6f53a7c5a11fcef709553ae0e0e, en de alinea staat in dat document op bytes 84575 tot 85148.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e9756efa7e7eeb44e8353da8389bee07cdc1c6f53a7c5a11fcef709553ae0e0e | shasum -a 256