Citaat | Hoge Raad 25 maart 2011
Alinea 29 Hoge Raad 25 maart 2011
Een alinea uit Hoge Raad 25 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP8945.
3.4.2. Voor de activiteitentoets is volgens artikel 20a, lid 4, letter a, van de Wet van belang de gezamenlijke omvang van de werkzaamheden van de belastingplichtige. Artikel 15 van de Wet bepaalt, voor zover hier van belang, dat zolang alle aandelen van een naamloze of besloten vennootschap in het bezit zijn van een andere zodanige vennootschap, op verzoek van beide belastingplichtigen de belasting wordt geheven alsof de eerstbedoelde vennootschap in de laatstbedoelde is opgegaan. Dit houdt in dat, voor zover niet in de door de Minister van Financiën voor de toepassing van het artikel te stellen voorwaarden het tegendeel is bepaald, alle aangelegenheden van de dochtervennootschap voor de heffing van de vennootschapsbelasting worden aangemerkt als aangelegenheden van de moedervennootschap (HR 27 april 1988, nr. 24226, BNB 1988/220). Aangezien standaardvoorwaarde 3a slechts de wijze van verrekening van verliezen over het verenigingstijdstip heen regelt, is daarom in een geval als het onderhavige voor het aanleggen van de activiteitentoets voor het tijdstip direct voorafgaande aan de aandeelhouderswisseling de moedermaatschappij van een fiscale eenheid de in aanmerking te nemen belastingplichtige.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a68db7112cfd83754f346ea01f89bcd7c2426b5725bbf5ffb2ce605f746fa22b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a68db7112cfd83754f346ea01f89bcd7c2426b5725bbf5ffb2ce605f746fa22b, en de alinea staat in dat document op bytes 10588 tot 11816.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a68db7112cfd83754f346ea01f89bcd7c2426b5725bbf5ffb2ce605f746fa22b | shasum -a 256