Citaat | Hoge Raad 8 juli 2011
Alinea 42 Hoge Raad 8 juli 2011
Een alinea uit Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ0505.
3.2 De ondernemingskamer heeft bij beschikking van 17 februari 2010 [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek. Zij overwoog in de kern dat intrekking van een verzoek als het onderhavige in beginsel in elke stand van het geding, althans zolang geen onderzoek is bevolen, door iedere verzoeker kan plaatsvinden. De (rechts)- gevolgen van een zodanige intrekking kunnen verschillen al naar gelang de stand van het geding en de overige omstandigheden. Rhodia heeft haar verzoek ingetrokken voordat een onderzoek is bevolen en [verweerster 1], [verweerster 2] en alle belanghebbenden hebben uitdrukkelijk ingestemd met de intrekking en jegens Rhodia geen aanspraak gemaakt op een proceskostenveroordeling. De intrekking van het verzoek van Rhodia heeft tot gevolg dat de procedure ten aanzien van haar als verzoekster is geëindigd, en dat het verzoek van Rhodia derhalve niet meetelt bij de beoordeling van de ontvankelijkheid van [verzoeker].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2eca45bdd92905bb32378324752e46ed46e2f6ac749264e0af463fff4d3c82ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2eca45bdd92905bb32378324752e46ed46e2f6ac749264e0af463fff4d3c82ab, en de alinea staat in dat document op bytes 10100 tot 11066.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2eca45bdd92905bb32378324752e46ed46e2f6ac749264e0af463fff4d3c82ab | shasum -a 256