Citaat | Hoge Raad 8 juli 2011

Alinea 48 Hoge Raad 8 juli 2011

Een alinea uit Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ0505.

3.6.1 Het middel doet met name een beroep op rechtspraak die inhoudt dat, kort gezegd, bij de beantwoording van de vraag of aan de kapitaalseis van art. 2:346, aanhef en onder b, wordt voldaan, de situatie ten tijde van de indiening van het enquĂȘteverzoek beslissend is (zie onder meer HR 9 mei 1990, LJN AC0874, NJ 1990/829). Deze rechtspraak strekt tot bescherming van de indiener(s) van het verzoek: bij indiening van het verzoek bestaat aanstonds duidelijkheid inzake de bevoegdheid daartoe, en die bevoegdheid wordt niet aangetast door een eventuele afname nadien van het in aanmerking te nemen belang als gevolg van externe oorzaken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2eca45bdd92905bb32378324752e46ed46e2f6ac749264e0af463fff4d3c82ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2eca45bdd92905bb32378324752e46ed46e2f6ac749264e0af463fff4d3c82ab, en de alinea staat in dat document op bytes 14001 tot 14654.