Citaat | Hoge Raad 31 mei 2011

Alinea 18 Hoge Raad 31 mei 2011

Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ1972.

Na het overlijden van [slachtoffer] is uit de boedelpapieren gebleken dat afschriften van de girorekening van [slachtoffer] van 24 september 2003 tot 15 december 2003 ontbraken. Door de notaris die belast was met de afwikkeling van de nalatenschap van [slachtoffer] zijn daarom vervangende exemplaren opgevraagd. Uit deze afschriften is naar voren gekomen dat er in de periode van 22 september 2003 tot en met 13 december 2003 ten aanzien van de frequentie en hoogte ongebruikelijke geldopnamen van de girorekening van [slachtoffer] waren verricht middels transacties bij geldautomaten te Amstelveen en Vinkenveen. Deze opnamen pasten volstrekt niet in het normale uitgavenpatroon van [slachtoffer] en waren verricht terwijl hij bij de GGZ-instelling in dagbehandeling was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b4674e8296d4af9d814e2dd229487c5abdcc08e22b53d0f33253f0e999cdfea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b4674e8296d4af9d814e2dd229487c5abdcc08e22b53d0f33253f0e999cdfea, en de alinea staat in dat document op bytes 6382 tot 7168.