Citaat | Hoge Raad 16 september 2011
Alinea 61 Hoge Raad 16 september 2011
Een alinea uit Hoge Raad 16 september 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ2213.
Onder de gegeven omstandigheden behoefde het hof [verweerster] niet op te dragen de door haar gestelde duurovereenkomst te bewijzen, aangezien het hof dit bewijs kennelijk en alleszins begrijpelijk reeds voldoende geleverd achtte. Het hof behoefde Batavus ook niet toe te laten tot tegenbewijs aangezien de door Batavus in dit verband verdedigde, voormelde, stellingen, naar het kennelijke oordeel van het hof geen afbreuk deden aan de door [verweerster] gestelde, en door het hof aanvaarde, duurovereenkomst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e045bd838b0fd05965c184b931d9b03d0a84eb2f8dd992b80008f5b6dca829e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e045bd838b0fd05965c184b931d9b03d0a84eb2f8dd992b80008f5b6dca829e2, en de alinea staat in dat document op bytes 26688 tot 27210.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e045bd838b0fd05965c184b931d9b03d0a84eb2f8dd992b80008f5b6dca829e2 | shasum -a 256