Citaat | Hoge Raad 7 juni 2011
Alinea 33 Hoge Raad 7 juni 2011
Een alinea uit Hoge Raad 7 juni 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ3148.
Aan de korte tijdspanne die is verstreken tussen het moment van aanhouding van de verdachte te Rotterdam en het tijdstip waarop de verdachte, klaarblijkelijk op een politiebureau waarnaar hij was overgebracht, heeft geweigerd medewerking te verlenen aan het hem bevolen ademonderzoek en de omstandigheid dat de desbetreffende opsporingsambtenaren werkzaam zijn bij de politie Rotterdam-Rijnmond, heeft het Hof kennelijk en niet onbegrijpelijk de gevolgtrekking verbonden dat de verdachte het tenlastegelegde feit, zoals is bewezenverklaard, te Rotterdam heeft gepleegd. De bewezenverklaring is aldus in dit opzicht toereikend gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fb765ac582c4f3d37f353959a3e5dff8b58d9da958f5c4afa779d95f00cf1c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fb765ac582c4f3d37f353959a3e5dff8b58d9da958f5c4afa779d95f00cf1c0, en de alinea staat in dat document op bytes 14306 tot 14957.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0fb765ac582c4f3d37f353959a3e5dff8b58d9da958f5c4afa779d95f00cf1c0 | shasum -a 256