Citaat | Hoge Raad 13 mei 2011
Alinea 28 Hoge Raad 13 mei 2011
Een alinea uit Hoge Raad 13 mei 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ4291.
3.3.7. In de argumenten genoemd onder 3.3.4 tot en met 3.3.6 vindt de Hoge Raad aanleiding om terug te komen van zijn in 3.3.2 bedoelde rechtspraak. De Hoge Raad is thans van oordeel dat de rechter in belastingzaken bij de beoordeling of een bij hem ingesteld rechtsmiddel ontvankelijk is, gehouden is ambtshalve onderzoek te doen naar de aannemelijkheid van feiten die door een partij in dat verband worden aangevoerd, ook indien die gestelde feiten door de wederpartij worden erkend of niet worden betwist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/add0ea8f582ff2fe35b6655a8f0ced3424ec61ea552703faaae4b7ad7822ee42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt add0ea8f582ff2fe35b6655a8f0ced3424ec61ea552703faaae4b7ad7822ee42, en de alinea staat in dat document op bytes 11453 tot 11974.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/add0ea8f582ff2fe35b6655a8f0ced3424ec61ea552703faaae4b7ad7822ee42 | shasum -a 256