Citaat | Hoge Raad 28 juni 2011

Alinea 39 Hoge Raad 28 juni 2011

Een alinea uit Hoge Raad 28 juni 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ4672.

2.4. De Rechtbank heeft in haar vonnis volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in de tweede volzin van art. 359, derde lid, Sv. De raadsman van de verdachte heeft bij de behandeling van de zaak in hoger beroep vrijspraak bepleit ten aanzien van het onder 1 en 2 tenlastegelegde. Uit de bewoordingen van art. 359, derde lid, Sv volgt dat deze bepaling in ieder geval geen toepassing kan vinden indien door of namens de verdachte ter terechtzitting vrijspraak is bepleit. Gelet op het voorgaande had het Hof het vonnis van de Rechtbank niet mogen bevestigen dan onder de in art. 423, eerste lid, Sv bedoelde aanvulling van gronden, te weten de in de eerste volzin van art. 359, derde lid, Sv bedoelde weergave van de inhoud van de bewijsmiddelen met betrekking tot de onder 1 en 2 tenlastegelegde feiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c88fe990b55a208dbb0da2512434c950b79cbae60489664376da2c76cc79bec4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c88fe990b55a208dbb0da2512434c950b79cbae60489664376da2c76cc79bec4, en de alinea staat in dat document op bytes 12901 tot 13734.