Citaat | Hoge Raad 13 september 2011

Alinea 33 Hoge Raad 13 september 2011

Een alinea uit Hoge Raad 13 september 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ8907.

2.5. Het Hof heeft vastgesteld dat in deze zaak sprake is van een vormverzuim als hiervoor onder 2.4 is bedoeld. Wat betreft het daaraan te verbinden gevolg heeft het Hof miskend dat, naar uit genoemd arrest van de Hoge Raad volgt, een dergelijk verzuim behoudens een tweetal door de Hoge Raad genoemde uitzonderingen zonder meer tot bewijsuitsluiting dient te leiden. Doen die uitzonderingen zich niet voor dan zal de desbetreffende verklaring van de verdachte dus niet voor het bewijs mogen worden gebruikt en is er, anders dan het Hof kennelijk heeft geoordeeld, geen plaats meer voor een nadere afweging in het licht van de beoordelingsfactoren van het tweede lid van art. 359a Sv.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f9aa520a1d656b074d5a249522eb135fef9e15b80a3d13edbe819c03f036fd0f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f9aa520a1d656b074d5a249522eb135fef9e15b80a3d13edbe819c03f036fd0f, en de alinea staat in dat document op bytes 14439 tot 15137.