Citaat | Hoge Raad 28 oktober 2011
Alinea 36 Hoge Raad 28 oktober 2011
Een alinea uit Hoge Raad 28 oktober 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ9061.
Artikel 14, lid 1, van de Wet vereist voor toepassing van de fusiefaciliteit dat een (zelfstandig onderdeel van een) onderneming wordt overgedragen tegen uitreiking van - in dit geval - lidmaatschapsrechten. In cassatie kan ervan worden uitgegaan dat het door belanghebbende verkregen lidmaatschapsrecht in G UA een belang van 10,14 percent in het vermogen van G UA vertegenwoordigt (zie onderdeel 7.11 van de conclusie van de Advocaat-Generaal), welk vermogen vrijwel uitsluitend bestaat uit het door belanghebbende ingebrachte zelfstandige onderdeel van haar onderneming. Onder deze omstandigheden kan artikel 14, lid 1, van de Wet geen toepassing vinden. Het middel faalt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ea30d13523dafd22e86970496b70ef04b0d638c6fbbd9f8e794465d70b58855. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ea30d13523dafd22e86970496b70ef04b0d638c6fbbd9f8e794465d70b58855, en de alinea staat in dat document op bytes 12508 tot 13197.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3ea30d13523dafd22e86970496b70ef04b0d638c6fbbd9f8e794465d70b58855 | shasum -a 256