Citaat | Hoge Raad 29 november 2011

Alinea 28 Hoge Raad 29 november 2011

Een alinea uit Hoge Raad 29 november 2011, ECLI:NL:HR:2011:BR2340.

"Indien geen schriftuur wordt ingediend kan de beslissing tot niet-ontvankelijkheid in het hoger beroep volgen (artikel 416, derde lid). Er is in een dergelijk geval sprake van een vormverzuim. Een automatisch volgende niet-ontvankelijkheid verdient naar mijn oordeel geen voorkeur. Hoezeer het achterwege laten van het tijdig indienen van een appèlmemorie ook mag worden betreurd, het belang van het appèl kan, ook maatschappelijk bezien, van groter belang zijn dan de scherpe sanctionering van een in beginsel herstelbare tekortkoming. (...) Het wetsvoorstel geeft de rechter in hoger beroep nog wel de ruimte om ambtshalve toch tot behandeling van het door de officier van justitie ingestelde hoger beroep over te gaan, ook al zijn schriftelijke grieven niet of niet tijdig ingediend. Het is dan aan de rechter te bepalen of dan wel andere gevolgen aan het vormverzuim moeten worden verbonden." (Kamerstukken II 2005/06, 30320, nr. 3, p. 12 en p. 36)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/082f447e28b5a51ab9a25ae668a32075d0ed9e6624f74962d645a83691ca9ce5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 082f447e28b5a51ab9a25ae668a32075d0ed9e6624f74962d645a83691ca9ce5, en de alinea staat in dat document op bytes 10303 tot 11271.