Citaat | Hoge Raad 1 november 2011
Alinea 46 Hoge Raad 1 november 2011
Een alinea uit Hoge Raad 1 november 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT1805.
Het hof stelt voorts vast dat - zoals ter terechtzitting in eerste aanleg verklaard - verdachte en de medeverdachten hadden afgesproken naar het park te komen om [betrokkene 1] en [betrokkene 2] te helpen. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft verdachte dit deel van zijn verklaring betwist. Het hof overweegt echter dat verdachte reeds bij de politie heeft verklaard dat hij, [betrokkene 3], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] medeverdachten [betrokkene 1] en [betrokkene 2] in Bocholtz zouden treffen. [Medeverdachte 1] heeft toen naar [betrokkene 1] of [betrokkene 2] gebeld, waardoor zij wisten dat de anderen in het park waren. Hierop zijn zij naar het park gelopen. Het hof acht de stelling van verdachte ter terechtzitting dat zij niet wisten dat [betrokkene 1] en [betrokkene 2] in het park waren, gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, dan ook niet aannemelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f68d4cd38fc3b21f7450de01fded9e32467063f1c08fac5b4d9dfebfa81663ad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f68d4cd38fc3b21f7450de01fded9e32467063f1c08fac5b4d9dfebfa81663ad, en de alinea staat in dat document op bytes 13006 tot 13898.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f68d4cd38fc3b21f7450de01fded9e32467063f1c08fac5b4d9dfebfa81663ad | shasum -a 256