Citaat | Hoge Raad 13 december 2011

Alinea 39 Hoge Raad 13 december 2011

Een alinea uit Hoge Raad 13 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT2173.

4.2. De onrechtmatige toepassing van vrijheidsbenemende dwangmiddelen op een verdachte in het kader van het voorbereidend onderzoek in zijn strafzaak, is een vormverzuim. Daarop is art. 359a Sv van toepassing indien, zoals in het onderhavige geval, dit vormverzuim door de verdachte niet aan de Rechter-Commissaris kon worden voorgelegd. Door te oordelen dat "de hier aan de orde zijnde onrechtmatigheid niet als een verzuim van vormen dat op de voet van artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering moet worden beoordeeld", dient te worden beschouwd, heeft het Hof het voorgaande miskend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da32ffa04f0e3c0b95924f1de708d388352c94c780ba3a80f2e7500001135d42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da32ffa04f0e3c0b95924f1de708d388352c94c780ba3a80f2e7500001135d42, en de alinea staat in dat document op bytes 15891 tot 16497.