Citaat | Hoge Raad 16 december 2011

Alinea 63 Hoge Raad 16 december 2011

Een alinea uit Hoge Raad 16 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BT6685.

3.9 Onderdeel 2 komt met rechts- en motiveringsklachten op tegen het oordeel van het hof dat de Staat, toen de gemeenten op 21 april en 28 september 2004 om verplaatsing van de kabels vroegen, geen gedoogplichtige was in de zin van art. 5.8 lid 1. Dit oordeel is ingegeven door de rechtsopvatting van het hof (rov. 5.2), kort gezegd, dat een derde die van de rechthebbende toestemming heeft gekregen om gronden te gebruiken voor de uitvoering van werken waarvoor de verplaatsing van kabels nodig is, niet reeds daardoor op de voet van lid 1 van art. 5.8 als "degene op wie de gedoogplicht rust" een verplichting in het leven kan roepen van de in dat artikellid bedoelde aanbieder om de ten dienste van zijn netwerk in die gronden liggende kabels op eigen kosten te verplaatsen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d8f96bd2296bf7de46d94fb5ca4be0ba4908bfa809a760704035fcd564836e1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d8f96bd2296bf7de46d94fb5ca4be0ba4908bfa809a760704035fcd564836e1, en de alinea staat in dat document op bytes 17428 tot 18218.