Citaat | Hoge Raad 18 november 2011

Alinea 34 Hoge Raad 18 november 2011

Een alinea uit Hoge Raad 18 november 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU4937.

3.5.3 De in art. 295 lid 3 F. aan de rechter-commissaris toegekende bevoegdheid het vrij te laten bedrag te verhogen is, zoals blijkt uit de in de vordering van de Procureur-Generaal onder 3.11 vermelde totstandkomingsgeschiedenis van dat voorschrift, niet bedoeld om de schuldenaar in staat te stellen al zijn niet in de schuldsanering betrokken financiële verplichtingen te voldoen, ook niet voor zover het daarbij gaat om alimentatieverplichtingen. De bevoegdheid is een discretionaire, bij het gebruik waarvan de rechter-commissaris met de omstandigheden van het geval rekening kan houden. Met dat uitgangspunt is niet verenigbaar dat rechters-commissarissen stelselmatig en zonder acht te slaan op de omstandigheden van het geval, voor schuldenaren op wie onderhoudsverplichtingen jegens minderjarige kinderen rusten, het vrij te laten bedrag verhogen met het bedrag waarop de alimentatie laatstelijk is vastgesteld, zij het met het vermelde maximum van € 136,-- per maand en per kind.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f52012df8e7228525fe69301dd64d44d48aa6b7193b480a4c0876dc03d85a7e7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f52012df8e7228525fe69301dd64d44d48aa6b7193b480a4c0876dc03d85a7e7, en de alinea staat in dat document op bytes 14900 tot 15906.