Citaat | Hoge Raad 6 maart 2012

Alinea 424 Hoge Raad 6 maart 2012

Een alinea uit Hoge Raad 6 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BQ8596.

Dat de bv een vordering op haar grootaandeelhouder had en dat het de bv - binnen de grenzen van goedkoopmansgebruik - vrij staat die vordering af te waarderen zodra het risico van oninbaarheid zich aandient en dat de bv derhalve eveneens een verlies zou hebben geleden indien zij de vordering zou hebben afgewaardeerd tot de waarde van de aandelen, brengt naar het oordeel van het hof geen pleitbaar standpunt met zich. Het hof heeft vastgesteld dat het plan van verdachte er op gericht was de privé-beleggingsverliezen van de grootaandeelhouder ten laste van de bv te brengen. Dergelijke verliezen kunnen op geen enkele wijze met terugwerkende kracht ten laste van het ondernemingsvermogen van de bv worden gebracht en het staat de bv ter zake van dergelijke door de grootaandeelhouder in privé geleden verliezen niet vrij die tot de hare te rekenen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22b26115e60fbadb64dc273db77df2393ca0de05be2399cea05b18d2ac68cc8d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22b26115e60fbadb64dc273db77df2393ca0de05be2399cea05b18d2ac68cc8d, en de alinea staat in dat document op bytes 96235 tot 97101.