Citaat | Hoge Raad 10 januari 2012

Alinea 51 Hoge Raad 10 januari 2012

Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU3474.

Ik zag en voelde dat hij de deur met kracht en veel snelheid open duwde terwijl ik er nog achter stond. Hierbij kwam de voordeur tegen mijn linker jukbeen aan. Ik heb hier pijn en heb last van mijn kaak. Ik kwam namelijk tussen de voordeur en de badkamerdeur terecht met mijn hoofd. Ik heb ook last van mijn rechterhand. Deze kwam klem te zitten tussen de deurkrukken van de voordeur en de badkamerdeur. Mijn bril was van mijn gezicht geslagen door de deur en hing nog aan een (1) oor. Vervolgens probeerde hij binnen te komen. Ik probeerde hem weg te duwen. Ik kreeg hem de deur niet uit. Ik zag dat hij zijn hand ophief en mij een klap gaf met mijn rechter hand. Dit deed hij met een vlakke hand. Ik voelde pijn aan de rechterzijde van mij gezicht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c814cc23d3a1e4a58380b74e4c50f02649c40f140f8df20c487b82952e134ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c814cc23d3a1e4a58380b74e4c50f02649c40f140f8df20c487b82952e134ed, en de alinea staat in dat document op bytes 17248 tot 18011.