Citaat | Hoge Raad 12 oktober 2012

Alinea 22 Hoge Raad 12 oktober 2012

Een alinea uit Hoge Raad 12 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU3785.

Het Hof heeft deze vraag ontkennend beantwoord. Het heeft daartoe overwogen dat, gelet op de omstandigheid dat de betreffende ambtenaar met instemming van belanghebbende betrokken is geweest bij de behandeling van de bezwaarschriften, niet kan worden gezegd dat de Inspecteur een verwijt treft als bedoeld in de arresten van de Hoge Raad van 13 april 2007, nr. 41235, LJN BA2802, BNB 2007/260, en 6 februari 2009, nr. 08/01915, LJN BH1928, BNB 2009/10. De enkele omstandigheid dat artikel 10:3, lid 3, Awb is geschonden, is, aldus nog steeds het Hof, geen bijzondere omstandigheid die een vergoeding van de volledige proceskosten rechtvaardigt. Tegen dit oordeel richten zich de middelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfd47f57ae83187e4648d480ea44173071f84250940786e6b68660ba94f190db. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfd47f57ae83187e4648d480ea44173071f84250940786e6b68660ba94f190db, en de alinea staat in dat document op bytes 8877 tot 9578.