Citaat | Hoge Raad 14 februari 2012
Alinea 41 Hoge Raad 14 februari 2012
Een alinea uit Hoge Raad 14 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU3987.
2. De verplichting kan worden opgelegd aan de in het eerste lid bedoelde persoon die voordeel heeft verkregen door middel van of uit de baten van het daar bedoelde strafbare feit of soortgelijke feiten of feiten waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd, waaromtrent voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door hem zijn begaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc33aa8ca5cb6e429d497f726017bf92bff7fbb64c9e7849d385d8b59f273aea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc33aa8ca5cb6e429d497f726017bf92bff7fbb64c9e7849d385d8b59f273aea, en de alinea staat in dat document op bytes 14735 tot 15100.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc33aa8ca5cb6e429d497f726017bf92bff7fbb64c9e7849d385d8b59f273aea | shasum -a 256