Citaat | Hoge Raad 17 januari 2012
Alinea 28 Hoge Raad 17 januari 2012
Een alinea uit Hoge Raad 17 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU5260.
Bij de beoordeling van het middel moet het volgende worden vooropgesteld. Voorwaardelijk opzet op een bepaald gevolg - zoals hier de dood van aangevers - is aanwezig indien de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat dat gevolg zal intreden. Voor de vaststelling dat de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan zulk een kans is niet alleen vereist dat de verdachte wetenschap heeft van de aanmerkelijke kans dat het gevolg zal intreden, maar ook dat hij die kans ten tijde van de gedraging bewust heeft aanvaard (op de koop toe heeft genomen). Of in een concreet geval moet worden aangenomen dat sprake is van voorwaardelijk opzet zal, indien de verklaringen van de verdachte en/of bijvoorbeeld eventuele getuigenverklaringen geen inzicht geven omtrent hetgeen ten tijde van de gedraging in de verdachte is omgegaan, afhangen van de feitelijke omstandigheden van het geval. Daarbij zijn de aard van de gedraging en de omstandigheden waaronder deze is verricht, van belang. Bepaalde gedragingen kunnen naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als zo zeer gericht op een bepaald gevolg dat het - behoudens contra-indicaties - niet anders kan zijn dan dat de verdachte de aanmerkelijke kans op het desbetreffende gevolg heeft aanvaard.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f4d499e89fe7ca1f18dd360e16b2e1d14766fa0365266156b700847c7f580ade. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f4d499e89fe7ca1f18dd360e16b2e1d14766fa0365266156b700847c7f580ade, en de alinea staat in dat document op bytes 11215 tot 12531.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f4d499e89fe7ca1f18dd360e16b2e1d14766fa0365266156b700847c7f580ade | shasum -a 256