Citaat | Hoge Raad 6 maart 2012
Alinea 43 Hoge Raad 6 maart 2012
Een alinea uit Hoge Raad 6 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU5323.
2.5. Voorts klaagt het middel over het oordeel van het Hof dat de verdachte de aanmerkelijke kans op zwaar lichamelijk letsel willens en wetens heeft aanvaard. In dit kader wordt geklaagd over 's Hofs oordeel "dat bij tenminste drie ontmoetingen tussen verdachte en [slachtoffer] (18 op 19 juli, 20 op 21 juli en 21 op 22 juli) het voor verdachte kenbaar moet zijn geweest dat [slachtoffer] pijn had, lichamelijk gekwetst was en in een slechte conditie verkeerde". Dit oordeel is niet onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat meerdere getuigen hebben verklaard over de slechte conditie waarin [slachtoffer] ten tijde van de door het Hof bedoelde ontmoetingen verkeerde, terwijl voorts uit 's Hofs bewijsvoering volgt dat de verdachte [slachtoffer] met regelmaat sloeg en haar ook kort voor de drie door het Hof bedoelde ontmoetingen had geslagen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/39dcecfb38cec851119998a61fec89bb4714c582caba5d5ab4ec295c0a3cfe6a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 39dcecfb38cec851119998a61fec89bb4714c582caba5d5ab4ec295c0a3cfe6a, en de alinea staat in dat document op bytes 20691 tot 21552.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/39dcecfb38cec851119998a61fec89bb4714c582caba5d5ab4ec295c0a3cfe6a | shasum -a 256