Citaat | Hoge Raad 10 februari 2012

Alinea 32 Hoge Raad 10 februari 2012

Een alinea uit Hoge Raad 10 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU7255.

3.4 De klacht is gegrond. Indien de rechter constateert dat het door een procespartij verschuldigde griffierecht niet tijdig is voldaan, behoort hij niet zonder meer toepassing te geven aan de sancties van de leden 3 of 4 van art. 282a, maar eerst aan die procespartij gelegenheid te geven om zich uit te laten met betrekking tot het geconstateerde verzuim, zodat die partij een eventueel misverstand kan ophelderen of, als zij daarvoor aanleiding ziet, een beroep kan doen op de hardheidsclausule van art. 282a lid 4. Het hof heeft [de man] die gelegenheid kennelijk niet gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba055bbe3dcbf6458c8c7de397458c7bf48a22888f2de9f8f3f4eb2c65d7d444. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba055bbe3dcbf6458c8c7de397458c7bf48a22888f2de9f8f3f4eb2c65d7d444, en de alinea staat in dat document op bytes 7950 tot 8544.