Citaat | Hoge Raad 2 maart 2012

Alinea 40 Hoge Raad 2 maart 2012

Een alinea uit Hoge Raad 2 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU8176.

3.2.1 De rolraadsheer heeft bij zijn hiervoor genoemde rolbeslissing de hiervoor in 3.1 onder (v) genoemde incidentele vordering aangemerkt als een hernieuwd verzoek om uitstel en dit afgewezen omdat er onvoldoende aanleiding is dit in te willigen. De rolraadsheer heeft geconstateerd dat [eiser] niet tijdig een memorie van grieven heeft genomen en geen rechtvaardiging heeft gegeven voor de vertraging van het geding als bedoeld in art. 251 lid 4, onder b, Rv. Hij heeft de zaak verwezen naar een meervoudige kamer van het hof om te beslissen op het gevorderde verval van instantie en omtrent het eventueel alsnog gelegenheid geven aan [eiser] voor het nemen van de memorie van grieven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01ccb4f06ed4d7ba85392b06916ee3d40a5ce2fe3132423a12cd76a359028c12. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01ccb4f06ed4d7ba85392b06916ee3d40a5ce2fe3132423a12cd76a359028c12, en de alinea staat in dat document op bytes 10222 tot 10923.