Citaat | Hoge Raad 2 maart 2012
Alinea 47 Hoge Raad 2 maart 2012
Een alinea uit Hoge Raad 2 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU8176.
3.5.3 Uit het vorenstaande volgt, opnieuw anders dan het middel betoogt, dat een partij die een proceshandeling in de hoofdzaak dient te verrichten, maar in plaats daarvan een incidentele vordering instelt ten aanzien waarvan de wet niet bepaalt dat daarover eerst en vooraf moet worden beslist, het risico loopt dat de rechter oordeelt dat voor dat laatste onvoldoende reden is. In dat geval is de betrokken proceshandeling in de hoofdzaak dus ten onrechte niet verricht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01ccb4f06ed4d7ba85392b06916ee3d40a5ce2fe3132423a12cd76a359028c12. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01ccb4f06ed4d7ba85392b06916ee3d40a5ce2fe3132423a12cd76a359028c12, en de alinea staat in dat document op bytes 14796 tot 15281.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/01ccb4f06ed4d7ba85392b06916ee3d40a5ce2fe3132423a12cd76a359028c12 | shasum -a 256