Citaat | Hoge Raad 14 februari 2012

Alinea 132 Hoge Raad 14 februari 2012

Een alinea uit Hoge Raad 14 februari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU8789.

2.6. Uit zijn hiervoor onder 2.5 weergegeven vaststellingen heeft het Hof wat betreft het onder 1 bewezenverklaarde zonder van een onjuiste rechtsopvatting blijk te geven kunnen afleiden dat de verdachte aan de door [A] B.V. en [B] B.V. gepleegde bedrieglijke bankbreuk feitelijk leiding heeft gegeven. Daaraan doet niet af de enkele in de gebezigde bewijsmiddelen voorkomende opmerking van de verdachte dat hij de administratie niet aan de curator had uitgeleverd omdat die administratie op kantoor was achtergebleven. Die omstandigheid laat immers onverlet dat de verdachte, die - naar uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid - binnen de rechtspersoon de volle verantwoordelijkheid droeg voor de administratie, naar het kennelijke oordeel van het Hof desalniettemin kon bewerkstelligen dat die administratie in handen van de curator kwam.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2aa6dbfb52b91d3fcff67bc891bc702f0b2a7b5367df835c0dba8bfde3ed6ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2aa6dbfb52b91d3fcff67bc891bc702f0b2a7b5367df835c0dba8bfde3ed6ba, en de alinea staat in dat document op bytes 31590 tot 32445.