Citaat | Hoge Raad 23 maart 2012

Alinea 24 Hoge Raad 23 maart 2012

Een alinea uit Hoge Raad 23 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV0655.

3.5. Het hiervoor in 3.3 overwogene wordt evenmin anders indien de stellingen die de belanghebbende aanvoert, zien op de toepassing van het gemeenschapsrecht. Volgens vaste rechtspraak van het Hof van Justitie is het, bij ontbreken van een desbetreffende gemeenschapsregeling, een aangelegenheid van de interne rechtsorde van elke Lid-Staat om de bevoegde rechter aan te wijzen en de procesregels te geven voor rechtsvorderingen die ertoe strekken de rechten te beschermen die de justitiabelen aan de rechtstreekse werking van het gemeenschapsrecht ontlenen. Wel stelt het Hof van Justitie als voorwaarden dat deze regels niet ongunstiger mogen zijn dan die welke voor soortgelijke nationale rechtsvorderingen gelden, en dat zij de uitoefening van de door de communautaire rechtsorde verleende rechten niet nagenoeg onmogelijk of uiterst moeilijk maken (zie onder meer HvJ EG 20 februari 1979, Rewe-Zentral, "Cassis de Dijon", 120/78, Jurispr. blz. 649). Niet-ontvankelijkverklaring van een rechtsmiddel wegens het ontvallen van belang daarbij, zoals hiervoor in 3.3 bedoeld, vindt op gelijke wijze plaats bij nationale rechtsvorderingen en bij rechtsvorderingen die zijn gebaseerd op het gemeenschapsrecht. Gelet op hetgeen hiervoor in de slotzin van 3.4 is overwogen, belemmert een dergelijke niet-ontvankelijkverklaring de belanghebbende niet om een op het gemeenschapsrecht gebaseerde vergelijkbare vordering in te stellen naar aanleiding van een andere belastingaanslag of beschikking.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/907eaca8fbfa46abb570da95fe9c46f99c3643889ba55ec4e6250cafd2f0d50e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 907eaca8fbfa46abb570da95fe9c46f99c3643889ba55ec4e6250cafd2f0d50e, en de alinea staat in dat document op bytes 8865 tot 10368.