Citaat | Hoge Raad 30 maart 2012

Alinea 40 Hoge Raad 30 maart 2012

Een alinea uit Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV1029.

Op de gronden vermeld in HR 22 oktober 2010, LJN BN1258, NJ 2010/667, rov. 3.6, moet evenwel worden aangenomen dat ook in dit geval de echtscheidingsbeschikking eerst "in kracht van gewijsde gaat" als bedoeld in art. 1:163 lid 3 BW (zodat de daar bedoelde zesmaandentermijn een aanvang neemt) nadat de appelbeschikking in kracht van gewijsde is gegaan waarin dit wordt geconstateerd of waaruit dit - zoals uit de appelbeschikking in deze zaak - genoegzaam blijkt. Een andere opvatting zou immers tot vergelijkbare onwenselijke gevolgen leiden als genoemd in die uitspraak, te weten - in dit geval - (i) dat de verweerder in hoger beroep onder omstandigheden de echtscheidingsbeschikking reeds ter inschrijving aan de ambtenaar zou moeten aanbieden op straffe van verval van zijn recht daartoe, hoewel (mogelijk) over de echtscheiding zelf nog een appel- of cassatieprocedure loopt, en (ii) dat de ambtenaar dan zou moeten beoordelen of het hoger beroep zich mede tegen de echtscheidingsbeschikking keert, voordat daarover een onherroepelijke rechterlijke beslissing is gegeven en zonder dat dit aanstonds uit het appelverzoekschrift of het appelverweerschrift duidelijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f0ecd2edbfeea646d86668a997f728d3a1cc9b4bf2269a286ecb3ec0f66b81f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f0ecd2edbfeea646d86668a997f728d3a1cc9b4bf2269a286ecb3ec0f66b81f, en de alinea staat in dat document op bytes 10153 tot 11339.