Citaat | Hoge Raad 13 april 2012
Alinea 53 Hoge Raad 13 april 2012
Een alinea uit Hoge Raad 13 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV2629.
3.4.3 Indien onder de schuldenaar ten laste van de schuldeiser derdenbeslag gelegd wordt voordat de schuldenaar met de voldoening van zijn verbintenis in verzuim is gekomen, wordt nakoming door de schuldenaar verhinderd door een beletsel opkomend van de zijde van (en toerekenbaar aan) de schuldeiser; de schuldenaar is immers op grond van het derdenbeslag verplicht het beslagene onder zich te houden (art. 475 lid 1 en art. 475h lid 1 Rv.). Hoewel in beginsel de schuldenaar die zich op de rechtsgevolgen van schuldeisersverzuim beroept, de stelplicht en bewijslast ter zake van het schuldeisersverzuim heeft (vgl. HR 1 februari 2008, LJN BB8648, NJ 2008/83), moet in een situatie als deze in beginsel aangenomen worden dat de schuldenaar, gelet op de zojuist vermelde wettelijke regels, verhinderd is te betalen als gevolg van het beslag, zodat voldaan is aan de eisen van schuldeisersverzuim (art. 6:58 BW).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0053612aec47859ae098e0fde32a99f9496f3dd1a9e2a54e5d00e9aaf8e1914. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0053612aec47859ae098e0fde32a99f9496f3dd1a9e2a54e5d00e9aaf8e1914, en de alinea staat in dat document op bytes 18726 tot 19651.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e0053612aec47859ae098e0fde32a99f9496f3dd1a9e2a54e5d00e9aaf8e1914 | shasum -a 256