Citaat | Hoge Raad 13 april 2012
Alinea 42 Hoge Raad 13 april 2012
Een alinea uit Hoge Raad 13 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV5571.
In november 2006 kwam ik in een drukkerij op het Zuidplein te Rotterdam een man tegen die ik van gezicht kende als een speler in het Holland Casino Rotterdam. Hij zei zoiets van: "Zullen we eens samen spelen". Na ongeveer 2 weken kwam ik hem weer bij die drukkerij tegen en toen begon hij er weer over om samen te spelen. Ik versta onder "samen spelen" vals spelen om het Holland Casino te benadelen. Ik heb toen tegen hem gezegd dat hij zijn telefoonnummer moest geven, dan zou ik hem bellen wanneer ik een gelegenheid had. Ik heb toen met hem afgesproken dat hij alleen tegen mij moest zeggen: "zelfde spel" en mij het geld moest geven als de kogel draaide. Ik zou dan voor de rest zorgen. Als hij mij het geld gaf, dan begon ik het geld te tellen terwijl de kogel draaide. Vervolgens wisselde ik het geld om voor fiches. Op het moment dat de kogel gevallen was, met andere woorden wanneer het winnende nummer al gevallen was, plaatste ik de fiches op de "burenprint" waarna ik de man 35 keer zijn inzet als winst uitbetaalde. Op een avond "verdienden" wij ongeveer
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/445a93fb03656638dc49fce1bc2b6a4325958536327db59189a006b38be06dd9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 445a93fb03656638dc49fce1bc2b6a4325958536327db59189a006b38be06dd9, en de alinea staat in dat document op bytes 12859 tot 13939.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/445a93fb03656638dc49fce1bc2b6a4325958536327db59189a006b38be06dd9 | shasum -a 256