Citaat | Hoge Raad 30 maart 2012
Alinea 48 Hoge Raad 30 maart 2012
Een alinea uit Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV7679.
De onderzoeksplicht van de rechter brengt mee dat deze, indien hij van oordeel is dat deze bereidheid ontbreekt, dit met zoveel woorden in zijn beschikking dient vast te stellen en dat hij de gronden dient aan te geven waarop dat oordeel berust. Voldoende is dat het ontbreken van de bereidheid naar het oordeel van de rechter kan worden afgeleid uit de wijze waarop de betrokkene zich heeft gedragen. Indien uit die gedragingen mag worden afgeleid dat de betrokkene in staat is zich naar de rechtbank te begeven, is de rechter vrij om dit ontbreken af te leiden uit de omstandigheid dat de betrokkene behoorlijk ter zitting is opgeroepen, maar daar niet is verschenen. (Vgl. HR 8 juli 2005, LJN AT8128, NJ 2006/6).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de2767efc969777a531603f98bc9e215d64be41bc0a860e113ae8ae09099f7eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de2767efc969777a531603f98bc9e215d64be41bc0a860e113ae8ae09099f7eb, en de alinea staat in dat document op bytes 13701 tot 14429.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de2767efc969777a531603f98bc9e215d64be41bc0a860e113ae8ae09099f7eb | shasum -a 256