Citaat | Hoge Raad 8 mei 2012

Alinea 87 Hoge Raad 8 mei 2012

Een alinea uit Hoge Raad 8 mei 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV9976.

Van de drie getuigen, die verdachte hebben herkend op basis van aan hen getoonde afbeeldingen, is de getuige [getuige 2] zeer overtuigend. Zij heeft bij de politie verklaard bij verdachte in de klas op school te zitten en hem zodoende dagelijks te zien. Daarnaast is zij erg stellig in haar oordeel dat de man op de foto verdachte ("[verdachte]") is. Het feit dat deze getuige in haar verklaring niet expliciet heeft gezegd dat zij verdachte aan zijn kruin heeft herkend, doet daar niets aan af. Het hof merkt daarbij op dat op de afbeelding die aan deze getuige is getoond ook een deel van het gezicht, de gestalte en houding van de persoon is te zien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56588ad36d2beb3a9538deb8bed31bb10c7af2e0dad06316a02ed5566f8958db. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56588ad36d2beb3a9538deb8bed31bb10c7af2e0dad06316a02ed5566f8958db, en de alinea staat in dat document op bytes 26649 tot 27315.