Citaat | Hoge Raad 30 maart 2012

Alinea 37 Hoge Raad 30 maart 2012

Een alinea uit Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW0404.

3.5 Het onderdeel faalt. Weliswaar staat vast dat de rechtbank de termijn van drie weken die zij op grond van art. 49 lid 9 in verbinding met art. 9 lid 1, tweede volzin, Wet Bopz voor het geven van haar beslissing in acht had behoren te nemen, (ruimschoots) heeft overschreden, maar dat brengt geen nietigheid van haar beslissing mee. De Wet Bopz bedreigt deze termijnoverschrijding niet uitdrukkelijk met nietigheid en evenmin kan gezegd worden dat hier sprake is van schending van een zo essentieel procedurevoorschrift dat nietigheid voortvloeit uit de aard van de niet in acht genomen vorm, als bedoeld in art. 79 RO.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/038019f7e1a9f93bae3123e5ca3c1900855bdfa729ada5a58cb279504763af13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 038019f7e1a9f93bae3123e5ca3c1900855bdfa729ada5a58cb279504763af13, en de alinea staat in dat document op bytes 11918 tot 12554.