Citaat | Hoge Raad 3 april 2012
Alinea 18 Hoge Raad 3 april 2012
Een alinea uit Hoge Raad 3 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW0647.
"Primair stelt de verdediging zich op het standpunt dat cliënt moet worden vrijgesproken. Subsidiair stelt de verdediging zich op het standpunt dat niet zonder meer ervan mag worden uitgegaan dat op basis van de bepalingen van de Douanewet de doorzoeking heeft plaatsgevonden. De verdediging stelt zich op het standpunt dat, nu iedere verslaglegging door de betrokken opsporingsambtenaren ontbreekt althans onvoldoende is, de betrokken ambtenaren [getuige 1], [getuige 2] en [getuige 3] als getuige dienen te worden gehoord opdat alsnog kan worden vastgesteld op basis van welke wettelijk veronderstelde bevoegdheid de doorzoeking in de auto is verricht."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c3ca45699a4fbb40f770e664d911b40774dad5bccfcf74e9ae90d295279be4e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c3ca45699a4fbb40f770e664d911b40774dad5bccfcf74e9ae90d295279be4e4, en de alinea staat in dat document op bytes 6428 tot 7097.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c3ca45699a4fbb40f770e664d911b40774dad5bccfcf74e9ae90d295279be4e4 | shasum -a 256