Citaat | Hoge Raad 17 april 2012

Alinea 71 Hoge Raad 17 april 2012

Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW2489.

5.2. Indien komt vast te staan dat de opgeëiste persoon in verband met de zaak waarvoor zijn uitlevering wordt gevraagd door functionarissen van de verzoekende staat is gefolterd, dient de verzochte uitlevering door de rechter zonder meer ontoelaatbaar te worden verklaard (vgl. HR 15 oktober 1996, NJ 1997/533). Er bestaat geen goede grond anders te oordelen ingeval die functionarissen niet zelf de opgeëiste persoon hebben gefolterd, maar zij die foltering wel hebben uitgelokt of bewerkstelligd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bac0bfabf6596a69b46351d69c2a20a3eade0400c7d687b9d09976c820772cc6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bac0bfabf6596a69b46351d69c2a20a3eade0400c7d687b9d09976c820772cc6, en de alinea staat in dat document op bytes 26169 tot 26683.