Citaat | Hoge Raad 17 april 2012
Alinea 16 Hoge Raad 17 april 2012
Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW2972.
3.3. De omstandigheid dat het Gerechtshof heeft geoordeeld dat niet bewezen is dat de vader van de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en daarvan moet worden vrijgesproken, kan niet worden aangemerkt als een omstandigheid van feitelijke aard als hiervoor in 3.1. bedoeld. Ook overigens zijn geen door een opgave van bewijsmiddelen gestaafde feiten of omstandigheden aangevoerd die in de zaak van de aanvrager het ernstig vermoeden zouden kunnen wekken dat hij van het hem tenlastegelegde zou zijn vrijgesproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/710cbbbae76907092a77e2b6eee256a3bdaacfdd560982f3bff92c6ef9c44647. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 710cbbbae76907092a77e2b6eee256a3bdaacfdd560982f3bff92c6ef9c44647, en de alinea staat in dat document op bytes 6651 tot 7182.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/710cbbbae76907092a77e2b6eee256a3bdaacfdd560982f3bff92c6ef9c44647 | shasum -a 256