Citaat | Hoge Raad 13 juli 2012

Alinea 38 Hoge Raad 13 juli 2012

Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW3263.

3.3.1 De bank heeft, voor zover thans van belang, voor alle weren een incidentele vordering ingesteld tot het overleggen van nadere stukken en bescheiden op grond van het bepaalde in art. 223, art. 22, art. 162 of art. 843a Rv. Zij heeft daartoe gesteld, kort gezegd, dat niemand van de eisers in de hoofdzaak heeft voldaan aan zijn stelplicht en bewijslast en dat zij, indien niet elk van de individuele eisers de gevraagde stukken en bescheiden overlegt, wordt benadeeld in haar mogelijkheden tot het voeren van verweer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f073f747a8dd716456d7d081018cc8706ba2cf57ba2024b64e3a440a88af79d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f073f747a8dd716456d7d081018cc8706ba2cf57ba2024b64e3a440a88af79d2, en de alinea staat in dat document op bytes 8525 tot 9061.