Citaat | Hoge Raad 3 juli 2012

Alinea 56 Hoge Raad 3 juli 2012

Een alinea uit Hoge Raad 3 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW5178.

Hierbij verdient opmerking dat aan de inhoud van de OVC-gesprekken waaraan de verdachte [verdachte 6] en de verdachte [verdachte 5] hebben deelgenomen, geenszins de indruk kan worden ontleend dat het geen serieuze bedoeling was de desbetreffende door beiden besproken documenten verder te verspreiden. Dat, zoals de verdediging heeft gesteld, in dat gesprek ook "lacherig" werd gedaan of de indruk werd gewekt dat de verdachte het desbetreffende document voor het eerst zag, doet daar niet aan af."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bca5d5ac182d5dedb70d4ac199dde0d5369f71c3656b5d4e9272eda87ad99774. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bca5d5ac182d5dedb70d4ac199dde0d5369f71c3656b5d4e9272eda87ad99774, en de alinea staat in dat document op bytes 16381 tot 16892.