Citaat | Hoge Raad 22 juni 2012
Alinea 62 Hoge Raad 22 juni 2012
Een alinea uit Hoge Raad 22 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW5695.
4.2.4 Anders dan de onderdelen veronderstellen, heeft het hof aldus - terecht - geen (overeenkomstige) toepassing gegeven aan de in de rechtspraak over de verjaringstermijnen van art. 3:310 lid 1 en 2 BW aanvaarde beginselen. Opmerking verdient nog dat de subsidiaire klacht dat het hof ten onrechte niet de omstandigheden in zijn oordeel heeft betrokken die zijn opgesomd in rov. 3.3.3 van HR 28 april 2000, LJN AA5635, NJ 2000/430, op een onjuiste rechtsopvatting berust. In de aanhef van die overweging is immers uitdrukkelijk overwogen dat die omstandigheden in "gevallen als het onderhavige" in het oordeel van de rechter moeten worden betrokken. Het ging in die zaak, kort gezegd, om de vraag of het beroep van een werkgever die zijn werknemers gedurende langere tijd had blootgesteld aan een voor hun gezondheid gevaarlijke stof - asbest - op de lange verjaringstermijn van art. 3:310 lid 2 BW, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was. Dat is een wezenlijk andere vraag dan thans aan de orde is, bij de beantwoording waarvan andere afwegingen moeten worden gemaakt, en andere gezichtspunten relevant zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db129b991365d576207fc805f86363d79250076c8c4c332bd86a0a12a67a1c1b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db129b991365d576207fc805f86363d79250076c8c4c332bd86a0a12a67a1c1b, en de alinea staat in dat document op bytes 20433 tot 21585.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/db129b991365d576207fc805f86363d79250076c8c4c332bd86a0a12a67a1c1b | shasum -a 256