Citaat | Hoge Raad 3 juli 2012
Alinea 49 Hoge Raad 3 juli 2012
Een alinea uit Hoge Raad 3 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW5723.
2.4 Ten aanzien van de bewezenverklaring van feit 2 bevat het middel voorts de klacht dat het Hof heeft vastgesteld dat de verdachte "een misdrijf heeft gepleegd door een kredietovereenkomst valselijk op te maken en vervolgens opzettelijk het geldbedrag (uit die kredietovereenkomst) op zijn eigen rekening heeft laten overmaken en zich aldus schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrifte en (vervolgens) verduistering", en dat het Hof aldus heeft miskend dat strafbare verduistering niet mogelijk is ten aanzien van een zaak die de verdachte door (zelf begaan) misdrijf onder zich heeft gekregen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e1bd6d6087c122fad04b146246464c883dda8136ec2844858c031bbf1990c83. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e1bd6d6087c122fad04b146246464c883dda8136ec2844858c031bbf1990c83, en de alinea staat in dat document op bytes 12516 tot 13130.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e1bd6d6087c122fad04b146246464c883dda8136ec2844858c031bbf1990c83 | shasum -a 256