Citaat | Hoge Raad 26 juni 2012

Alinea 25 Hoge Raad 26 juni 2012

Een alinea uit Hoge Raad 26 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW9036.

3. Vervolgens concludeert de rechtbank: "Gelet op de alle hierboven genoemde omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat, gelet op de aard van de stortingen, de hoogte van de bedragen, de frequentie, het telkens vrijwel onmiddellijk contant opnemen van het geld, maakt dat een legale herkomst van al het geld zo onwaarschijnlijk kan worden beschouwd dat daar geen rekening mee hoeft te worden gehouden".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcaaf3f98004cd700fcee7562f37be63a468506345138ed7a9401c8e533c89cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcaaf3f98004cd700fcee7562f37be63a468506345138ed7a9401c8e533c89cd, en de alinea staat in dat document op bytes 8748 tot 9200.