Citaat | Hoge Raad 26 juni 2012
Alinea 65 Hoge Raad 26 juni 2012
Een alinea uit Hoge Raad 26 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW9036.
Het bewijs dat de gelden afkomstig zijn uit een misdrijf stoelt voornamelijk op de schriftelijke verklaringen van bovengenoemde getuigen die zij overigens niet onder ede hebben afgelegd. Bovendien heeft de hoofdverdachte in deze zaak, [betrokkene 2], in het bijzijn van mijn cliënt een telefoongesprek gevoerd met [betrokkene 1]. [Betrokkene 1] heeft [betrokkene 2] toegelicht dat het om een zakelijke transactie ging. In een fax aan de Rabobank heeft [betrokkene 1] dit vervolgens bevestigd."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcaaf3f98004cd700fcee7562f37be63a468506345138ed7a9401c8e533c89cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcaaf3f98004cd700fcee7562f37be63a468506345138ed7a9401c8e533c89cd, en de alinea staat in dat document op bytes 20211 tot 20718.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bcaaf3f98004cd700fcee7562f37be63a468506345138ed7a9401c8e533c89cd | shasum -a 256