Citaat | Hoge Raad 5 oktober 2012

Alinea 49 Hoge Raad 5 oktober 2012

Een alinea uit Hoge Raad 5 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW9230.

art. 7 Gw en art. 10 EVRM gewaarborgde recht op vrijheid van meningsuiting. Voor de door art. 8 EVRM beschermde rechten geldt hetzelfde. De toetsing dient in één keer te geschieden waarbij het oordeel dat een van beide rechten, gelet op alle terzake dienende omstandigheden, zwaarder weegt dan het andere recht, meebrengt dat de inbreuk op het andere recht voldoet aan de noodzakelijkheidstoets van art. 10 lid 2 EVRM, dan wel art. 8 lid 2 EVRM. Indien gebruik wordt gemaakt van herkenbare beelden is in het kader van deze afweging niet van belang of, naast de schending van de persoonlijke levenssfeer, tevens schending van het portretrecht aan de vordering ten grondslag wordt gelegd (rov. 3.1).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/17d9d8a1013118f42148de96b79820bde3c2ff8e42d9864bf3655f5194f9fb4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 17d9d8a1013118f42148de96b79820bde3c2ff8e42d9864bf3655f5194f9fb4a, en de alinea staat in dat document op bytes 13749 tot 14462.