Citaat | Hoge Raad 13 juli 2012
Alinea 29 Hoge Raad 13 juli 2012
Een alinea uit Hoge Raad 13 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX0899.
3.3. Middel IV komt onder meer op tegen 's Hofs oordeel dat belanghebbende niet heeft voldaan aan haar verplichting ingevolge artikel 47 AWR. Het middel betoogt dat slechts aan de echtgenoot van belanghebbende vragen zijn gesteld voorafgaand aan het opleggen van de aanslagen over het jaar 2001. De gedingstukken laten evenwel geen andere conclusie dan dat belanghebbende tijdens de bezwaarfase bij brief van 11 maart 2005 om inlichtingen is verzocht, waarbij zij is gewezen op de verplichting van artikel 47 AWR en de sanctie van omkering van de bewijslast. Aangezien de verplichtingen ingevolge artikel 47 AWR in het kader van de heffing van belasting ook gelden tijdens de bezwaarfase en belanghebbende de gevraagde inlichtingen niet heeft verstrekt, heeft het Hof terecht de sanctie van artikel 27e, letter b, AWR van toepassing verklaard (vgl. HR 10 februari 1988, nr. 23925, BNB 1988/160).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca710ae3dce1de9ebc9bf92e166e2c649e07d0730274c11c7abc88d15755e2ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca710ae3dce1de9ebc9bf92e166e2c649e07d0730274c11c7abc88d15755e2ac, en de alinea staat in dat document op bytes 10206 tot 11114.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca710ae3dce1de9ebc9bf92e166e2c649e07d0730274c11c7abc88d15755e2ac | shasum -a 256