Citaat | Hoge Raad 9 oktober 2012

Alinea 22 Hoge Raad 9 oktober 2012

Een alinea uit Hoge Raad 9 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX6949.

In de diplomatic note, het affidavit van 21 december 2011 en het affidavit van 17 november 2011 worden de feiten waarvoor de uitlevering wordt verzocht uiteengezet. Op grond van artikel 9 van het Verdrag dient de rechtbank te onderzoeken of deze stukken de aanhouding van de opgeëiste persoon rechtvaardigen. In Nederlandse termen wordt dat ook wel een redelijk vermoeden van schuld genoemd. Dit betekent dat uit artikel 9 van het Verdrag niet volgt dat alle bewijsstukken overgelegd dienen te worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fe0f796b73ce3d3911de7afc39716c7939f60e5a816c16ab6714cbc757aced8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fe0f796b73ce3d3911de7afc39716c7939f60e5a816c16ab6714cbc757aced8, en de alinea staat in dat document op bytes 10328 tot 10843.