Citaat | Hoge Raad 14 december 2012
Alinea 66 Hoge Raad 14 december 2012
Een alinea uit Hoge Raad 14 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY0966.
Art. 292 Fw voorziet niet in de mogelijkheid dat de schuldenaar in het zich hier voordoende geval een rechtsmiddel aanwendt tegen - uitsluitend - afwijzing van zijn verzoek om een bevel tot instemming met een schuldregeling. Blijkens de wetsgeschiedenis is de (on)wenselijkheid van een dergelijk rechtsmiddel voor het onderhavige geval niet uitdrukkelijk onder ogen gezien, waarbij kennelijk een rol heeft gespeeld dat de mogelijkheid dat de schuldenaar zijn verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling niet handhaaft, eerst bij amendement in art. 287a lid 7 Fw is opgenomen (Kamerstukken II 2006-2007, 29 942, nr. 10). Wel is tijdens de beraadslaging in de Eerste Kamer aan de orde geweest of dit amendement ertoe heeft geleid dat het verzoek om een bevel tot instemming met een schuldregeling in feite op zichzelf is komen te staan; dat was volgens de Minister niet het geval, waarbij hij evenwel uitsluitend aandacht heeft besteed aan de behandeling van het verzoek in eerste aanleg, meer in het bijzonder aan de vraag op welke wijze een efficiënte behandeling kan plaatsvinden in verband met de mogelijkheid voor de schuldenaar om zijn verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling niet te handhaven (Kamerstukken I 2006-2007, 29 942, C, p. 6-7). Aldus valt uit de wetsgeschiedenis niet af te leiden dat de wetgever voor het zich hier voordoende geval - anders dan voor het in 3.6.2 genoemde geval - bewust niet heeft willen voorzien in de mogelijkheid dat de schuldenaar afwijzing van zijn verzoek om een bevel tot instemming met een schuldregeling door de aanwending van een rechtsmiddel aan het oordeel van de hogere rechter onderwerpt. Een dergelijke bedoeling kan evenmin steunen op de gronden die blijkens de wetsgeschiedenis zijn aangevoerd voor de uitsluiting van rechtsmiddelen in het in 3.6.2 genoemde geval: het in dat verband aangevoerde bezwaar dat een beroep door de schuldenaar tegen afwijzing van zijn verzoek om een bevel tot instemming met een schuldregeling in de weg staat aan een voortvarend verloop van de (door de rechter toegewezen) schuldsaneringsregeling, kan in het onderhavige geval geen gewicht in de schaal leggen, nu de intrekking door de schuldenaar van zijn verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling immers tot gevolg heeft dat deze regeling in de verdere loop van de procedure niet meer kan worden toegepast.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8250cbcbcfd6038db21fb533ae41e47cff2af752ec79dac3b7accd01c7020aba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8250cbcbcfd6038db21fb533ae41e47cff2af752ec79dac3b7accd01c7020aba, en de alinea staat in dat document op bytes 20767 tot 23157.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8250cbcbcfd6038db21fb533ae41e47cff2af752ec79dac3b7accd01c7020aba | shasum -a 256