Citaat | Hoge Raad 11 december 2012
Alinea 39 Hoge Raad 11 december 2012
Een alinea uit Hoge Raad 11 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY4828.
Dit ligt anders met betrekking tot het oordeel van het Hof dat ook het disproportionele optreden van de hondengeleider door de verdachte drie vuistslagen in het gezicht te geven geen aanleiding geeft tot strafvermindering. Met dat oordeel heeft het Hof onvoldoende inzicht gegeven in zijn gedachtegang. Indien het Hof heeft geoordeeld dat het uitsluitend aan de korpsleiding en het openbaar ministerie is, en niet aan de rechter om op dergelijke onregelmatigheden met een sanctie te reageren geeft dat oordeel blijk van een onjuiste rechtsopvatting (vgl. HR 21 december 2004, LJN AR5092, NJ 2005/172). Indien het Hof dit niet heeft miskend, heeft het geen inzicht gegeven in zijn afweging op grond van welke feiten en omstandigheden het tot zijn beslissing is gekomen om de vastgestelde onregelmatigheid niet op de voet van art. 359a, eerste lid aanhef en onder a, Sv met strafvermindering te compenseren. Zijn verwijzing naar "al hetgeen hiervoor reeds is overwogen" schiet in dit verband tekort. In zoverre is 's Hofs strafmotivering niet zonder meer begrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7f9c3b425660a4cfeed1fa288c13620c2433a9dd526a6d1f0b8effcb56f0814. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7f9c3b425660a4cfeed1fa288c13620c2433a9dd526a6d1f0b8effcb56f0814, en de alinea staat in dat document op bytes 17740 tot 18819.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7f9c3b425660a4cfeed1fa288c13620c2433a9dd526a6d1f0b8effcb56f0814 | shasum -a 256