Citaat | Hoge Raad 18 december 2012

Alinea 31 Hoge Raad 18 december 2012

Een alinea uit Hoge Raad 18 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY5303.

Na beraad in de raadkamer en gehoord de advocaat-generaal, deelt de voorzitter vervolgens als beslissing van het hof mede dat genoemde [getuige 1] niet kan worden aangemerkt als een meegebrachte getuige, nu hij later en onaangekondigd ter terechtzitting is verschenen. In dit geval is derhalve bij de beoordeling van de vraag of hij als getuige ter terechtzitting gehoord zal worden het noodzakelijkheidscriterium van toepassing. Het hof acht het horen van [getuige 1] niet relevant voor enige door het hof te nemen beslissing, en acht zulks dus niet noodzakelijk. Het verzoek wordt dan ook afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/12c86cd7037ca466edde3735bf502ce44e311a621a25db7055d3a2449e12c04b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 12c86cd7037ca466edde3735bf502ce44e311a621a25db7055d3a2449e12c04b, en de alinea staat in dat document op bytes 9931 tot 10545.