Citaat | Hoge Raad 2 juli 2013
Onder 2.2.1. Hoge Raad 2 juli 2013
Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:104.
De mishandelingen begonnen vanaf eind januari 2009. In februari 2009 werd ik ook tegen mijn neus geslagen waardoor mijn neus was gebroken. Ik werd toen meerdere keren met kracht geslagen tegen mijn hoofd. [verdachte] bleef maar doorgaan. Mijn oren bloedden, mijn neus bloedde, mijn kleding zat onder het bloed. Het gebeurde op een vrijdagmiddag in Lelystad. Onderweg waren we bij een Shellstation van Biddinghuizen naar Zeewolde gestopt. Opeens werden we ter hoogte van een grote rotonde bij Harderwijk aan de kant gezet door de politie. De politieagente zei dat er getuigen waren van de mishandeling. Ik was bang om aangifte te doen. [verdachte] was erbij, hij had mij net flink in elkaar geslagen en ik stond er alleen voor. Ik ben toen naar het IJsselmeer Ziekenhuis in Lelystad geweest waar men constateerde dat mijn neus was gebroken. De KNO-arts in ziekenhuis IJsselmeer heette [betrokkene 4].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db4e0954ad0bdf2b3cbe40baf1a31cb2161789028063a8fac5a678d3bae25e64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db4e0954ad0bdf2b3cbe40baf1a31cb2161789028063a8fac5a678d3bae25e64, en de alinea staat in dat document op bytes 9109 tot 10021.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/db4e0954ad0bdf2b3cbe40baf1a31cb2161789028063a8fac5a678d3bae25e64 | shasum -a 256