Citaat | Hoge Raad 2 juli 2013

Onder 2.2.1. Hoge Raad 2 juli 2013

Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:104.

Ik ben werkzaam bij de afdeling service van de politie te Amersfoort. Vandaag 5 juni 2009 kwam er omstreeks 16.15 uur een jonge vrouw huilend het politiebureau binnenlopen. Ik zag meteen dat de vrouw een blauwe bult op haar jukbeen aan de linkerkant had. Ook zag ik dat haar neusbrug blauw was en opgezwollen. Ik zag ook dat er bloed uit de neus van de vrouw kwam. Ik hoorde dat de vrouw vertelde dat ze was geslagen door haar vriend. Ze gaf een rijbewijs van haar vriend aan collega [verbalisant 3]. Ik zag dat het rijbewijs op naam van [verdachte] stond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db4e0954ad0bdf2b3cbe40baf1a31cb2161789028063a8fac5a678d3bae25e64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db4e0954ad0bdf2b3cbe40baf1a31cb2161789028063a8fac5a678d3bae25e64, en de alinea staat in dat document op bytes 10250 tot 10819.